De cartridge plaatsen en vervangen
De cartridges kunnen door de gebruiker worden vervangen en zijn ontworpen voor directe installatie in ondersteunde Blackline-apparaten. Er mogen uitsluitend gecertificeerde Blackline-cartridges worden gebruikt.
Een onjuiste installatie kan de nauwkeurigheid van de gasdetectie aantasten of de certificering voor intrinsieke veiligheid ongeldig maken.
Schakel het apparaat uit voordat u begint, plaats het op een vlakke, stabiele ondergrond en raak de sensormembranen of de openingen van de cartridges niet aan.
Het apparaat voert bij het opstarten een zelftest uit en keert daarna terug naar de normale werking.