Apparaatgegevens bewerken
Op de pagina ‘Apparaatgegevens’ kunt u apparaatinformatie beheren, waaronder de apparaatbeschrijving, toegewezen groepen en de configuratie-, waarschuwings- en meldingsprofielen van het apparaat.
- Selecteer . De pagina 'Apparaten' wordt geopend.
- Selecteer de APPARAAT-ID of de APPARAATNAAM. De pagina met apparaatgegevens wordt geopend.
- Selecteer ‘BEWERKEN’, dat zich aan de rechterkant van de apparaatgegevens bevindt.
- Voeg de gegevens toe of werk ze bij indien nodig.
- Kies OPSLAAN.