Helpcentrum

Zoek in het Helpcentrum

Milieuoverwegingen

De LEL-IR-sensor is voorzien van een ingebouwd filtersysteem om de invloed van stof en vuil tot een minimum te beperken. Wanneer de sensor echter vanuit een warme omgeving, zoals een kantoor of een voertuig, naar een koude werkomgeving wordt verplaatst, kan er vocht in de sensor condenseren.

Als het apparaat onder deze omstandigheden schommelingen in de nulgaswaarde vertoont, moet de sensor ingeschakeld blijven en in de gebruiksruimte blijven staan. Zo kan de luchtstroom overtollig condens uit het optische pad van de sensor verwijderen.

Gedurende deze periode is het mogelijk dat de sensor de concentraties van het doelgas niet nauwkeurig weergeeft. De daadwerkelijke droogtijden kunnen variëren afhankelijk van de omgevingsomstandigheden, maar de aanbevolen wachttijd bedraagt 2–5 minuten. Zodra de nulwaarde stabiel is, is het apparaat klaar voor gebruik.

In sommige gevallen kan deze droogtijd onvoldoende zijn. In dat geval moet het apparaat weer in een omgeving met kamertemperatuur worden geplaatst om te drogen. Na het drogen raadt Blackline Safety aan een bump-test uit te voeren om te controleren of de sensor naar behoren functioneert.

Als de sensor de bump-test niet doorstaat, neem dan contact op met de technische ondersteuning van Blackline Safety.